Vlaamse ondernemers schatten hun kennis van belastingen overwegend als gemiddeld tot hoog in. Toch blijken velen gevoelig voor wat onderzoekers “fiscale tunnelvisie” noemen: de neiging om te veel belang te hechten aan belastingbesparingen, wat soms leidt tot beslissingen die uiteindelijk meer kosten dan ze opleveren. Dat blijkt uit een onderzoek van UHasselt bij 970 Vlaamse ondernemers.
Fiscaliteit is een vast onderdeel van ondernemerschap. Maar wanneer de focus op belastingen het zicht op het totale financiële plaatje vertroebelt, kunnen ondernemers beslissingen nemen die hun beschikbare inkomen uiteindelijk verlagen. Het onderzoek toont aan dat die denkfout opvallend wijdverspreid is.
Één op vijf ondernemers sterk gevoelig voor fiscale tunnelvisie
Voor het onderzoek kregen Vlaamse ondernemers een aantal veelgehoorde fiscale stellingen voorgelegd. Die leveren op het eerste gezicht een belastingvoordeel op, maar zijn niet noodzakelijk de beste keuze wanneer de totale kost wordt meegerekend. Zo gaat het onder meer om uitspraken als: “Vervang je bedrijfswagen standaard om de vijf jaar zodat je nieuwe afschrijvingskosten kunt aftrekken” of “Maak tegen het einde van een goed boekjaar nog extra kosten.”
Vervolgens werd hen gevraagd om aan te geven in welke mate zij deze adviezen als goed advies beschouwden.
De gemiddelde score die ondernemers de adviezen geven, toont aan dat:
- 21% van de ondernemers sterk gevoelig is voor fiscale tunnelvisie (score hoger dan 5 op 7);
- 76% een gemiddelde gevoeligheid vertoont (score 3-5);
- slechts 3% weinig of niet gevoelig is voor fiscale tunnelvisie (score lager dan 3).
Tegelijk blijkt uit het onderzoek dat ondernemers best wel vertrouwen hebben in hun fiscale kennis. Meer dan acht op de tien Vlaamse ondernemers (85%) geven zichzelf een score van minstens drie op zeven voor belastingkennis. Eén op de drie (32%) beoordeelt de eigen kennis zelfs als hoog, met een score van meer dan vijf op zeven.
Ook ondernemers met kennis zijn vatbaar
Volgens de onderzoekers is fiscale tunnelvisie geen fenomeen dat zich beperkt tot specifieke groepen ondernemers.

Prof. dr. Maarten Corten, Hoofddocent – Associate professor Auditing & Accounting, UHasselt, initiatiefnemer van de studie: “Ondernemers beoordelen hun fiscale kennis doorgaans als degelijk, maar blijken tegelijk verrassend gevoelig voor fiscale tunnelvisie. Dat is de neiging om beslissingen te beoordelen vanuit de belastingbesparing, zonder voldoende rekening te houden met het totale kostenplaatje. En zo worden ondernemers soms armer door belastingen te besparen.”
De onderzoekers stellen bovendien vast dat gevoeligheid voor fiscale tunnelvisie nauwelijks samenhangt met opleidingsniveau, een economische achtergrond of de zelf ingeschatte fiscale kennis.
Belasting besparen blijft niet hetzelfde als geld verdienen
Fiscale tunnelvisie kan volgens de onderzoekers leiden tot verschillende suboptimale ondernemersbeslissingen, bijvoorbeeld wanneer investeringen, aankopen of uitgaven vooral worden gemotiveerd door een belastingvoordeel.
Drs. Wim Daems, doctoraatsonderzoeker aan UHasselt licht toe: “Veel ondernemers weten dat een kost fiscaal aftrekbaar is, maar lijken soms uit het oog te verliezen dat een aftrek slechts een deel van die kost compenseert, of in het geval van afschrijfbare activa, verspreid aftrekbaar is over toekomstige boekjaren. Een investering of aankoop kan perfect verantwoord zijn wanneer ze voldoende waarde creëert – denk aan meer comfort, minder onderhoud of kosten – maar het wordt problematisch wanneer de belastingbesparing de belangrijkste reden wordt om een uitgave te doen.”
Veranderende fiscale regelgeving kan die reflex bovendien versterken doordat ondernemers het gevoel krijgen snel te moeten handelen om een voordeel niet te missen.
Drie concrete tips om jouw adviserende rol te versterken
Maak het onderscheid tussen aftrekbaarheid en belastingbesparing heel duidelijk
Besef dat belastingbetalers vatbaar zijn voor denkfouten ten gevolge van fiscale tunnelvisie. Beklemtoon dus voldoende dat een aftrekbare kost steeds een kost blijft. Verduidelijk ook steeds wat de ondernemer netto werkelijk uitgeeft, niet alleen naar wat hij/zij fiscaal bespaart.
Vraag aan je klant: “Zou je deze uitgave ook doen als er geen fiscaal voordeel aan verbonden was?”
Neem cashflow standaard mee in fiscaal advies
Een investering kan fiscaal interessant zijn, maar tegelijk een flinke hap uit de beschikbare middelen nemen. Kijk daarom ook steeds naar wat er daadwerkelijk op de rekening overblijft.
Vraag aan je klant: “Heb je na deze investering nog voldoende financiële ruimte om comfortabel verder te ondernemen?”
Toets elke investering af aan de echte meerwaarde
Een goede investering moet méér opleveren dan een belastingbesparing: bijvoorbeeld lagere kosten, tijdwinst, meer comfort, betere dienstverlening, minder risico of groeikansen.
Vraag aan je klant: “Welke concrete meerwaarde levert deze investering je op?”
Over het onderzoek
Het onderzoek naar belastingen bij Vlaamse ondernemers gebeurde via een online bevraging tussen 7 april en 18 mei 2026: in totaal vulden 970 Vlaamse ondernemers de vragenlijst volledig in. Het invullen van de vragenlijst nam gemiddeld 27 minuten in beslag.
Hoewel een survey-onderzoek altijd onderhevig is aan selectievertekening, liggen deze statistieken in lijn met de verdeling binnen de populatie van zelfstandige ondernemers in Vlaanderen, wat erop wijst dat de steekproef als representatief kan worden beschouwd, met een lichte ondervertegenwoordiging voor vrouwelijke ondernemers. 76% van de respondenten is man, 22% vrouw en 2% geeft geen of een andere genderidentiteit aan. De gemiddelde leeftijd van de respondenten bedraagt 50 jaar, met een spreiding van 23 tot 83 jaar. Ongeveer 10% is jonger dan 34 jaar en 10% is ouder dan 65 jaar. Dit is in lijn met Statbel gegevens.
De meerderheid van de respondenten is actief als ondernemer in hoofdberoep (82%). In de steekproef is het aantal zelfstandigen in hoofdberoep oververtegenwoordigd t.o.v. de 62% in de populatie (Statbel 2024). Ongeveer een derde van de ondernemingen (31%) betreft een eenmanszaak, terwijl 69% georganiseerd is als vennootschap. Binnen deze laatste groep is de besloten vennootschap (BV) het meest voorkomend (77%) dit is een lichte oververtegenwoordiging t.o.v. de 70% bij (Statbel 2024), gevolgd door commanditaire vennootschappen (13%), naamloze vennootschappen (5,5%), vennootschappen onder firma (2,7%) en andere rechtsvormen (1,5%).
De gemiddelde leeftijd van de ondernemingen bedraagt 16 jaar, met een mediaan van 12 jaar.
Qua ondersteuning werkt 89% van de respondenten met een externe accountant. Minder dan 1% heeft uitsluitend een interne accountant, en 3% maakt gebruik van een combinatie van interne en externe ondersteuning. Ongeveer 10% van de ondernemers doet geen beroep op een accountant.
Over UHasselt Research Center for Entrepreneurship and Family Firms
Het Research Center for Entrepreneurship and Family Firms (RCEF) aan de Universiteit Hasselt is een interdisciplinair onderzoekscentrum dat zich richt op ondernemerschap en familiebedrijven. Het centrum streeft ernaar maatschappelijke waarde te creëren door middel van relevant en rigoureus academisch onderzoek, onderwijs en hoogwaardige dienstverlening aan bedrijven en organisaties.
Korte samenvatting:
- Onderzoeksresultaat: 21% van de Vlaamse ondernemers lijdt aan ‘fiscale tunnelvisie’ en maakt onnodige kosten om belasting te besparen.
- Kans voor accountants: Dit biedt een uitgelezen kans om je adviesrol te versterken en te focussen op de totale financiële gezondheid van je klant.
- Focus op cashflow & netto-impact: Verduidelijk altijd de netto cash-uitstroom en de impact van uitgaven op de liquiditeit.
- Strategische meerwaarde: Laat investeringen drijven op operationele winst (tijd, efficiëntie, groei) in plaats van enkel op fiscaal voordeel.