Accountants hebben geen tijd. Dat is geen nieuws, maar het blijft wringen. Want ondanks jaren van digitalisering, automatisering en slimme software, is het gevoel van tijdsgebrek bij ons vak niet verdwenen. Integendeel. De technologie heeft ons repetitief werk weliswaar sneller gemaakt, maar het compliance-pakket dat wij dragen is intussen minstens even snel gegroeid. Netto blijven we dus zoeken naar tijd voor waar het écht om draait: de ondernemer vooruithelpen.
Meer voor de Staat dan we beseffen
Wie het takenpakket van een accountant ontleedt, grijpt al snel naar een nette tweedeling: een deel ten dienste van de klant, een deel ten dienste van de overheid en de toezichthouder. Bij nader inzien klopt die tweedeling niet. Ook de meest klassieke, alledaagse prestaties zijn op zich diensten aan de Staat. Het formeel afsluiten van een boekjaar, de rapportering en neerlegging van de jaarrekening, het opstellen en indienen van een btw-aangifte: het zijn stuk voor stuk wettelijke verplichtingen die de controle-, registratie- en inningsbehoefte van de overheid dienen, en die op zich niets te maken hebben met waardevol ondernemen. Een jaarrekening neerleggen maakt een onderneming geen euro rendabeler. Een btw-aangifte indienen laat geen enkele ondernemer beter slapen of scherper beslissen.
Natuurlijk heeft de klant er belang bij dat deze verplichtingen correct en tijdig gebeuren: boetes, aansprakelijkheid en gedoe met de administratie wil niemand. Maar dat is een ander soort belang dan waardevol ondernemen. Het is het belang van in orde zijn, niet het belang van vooruitgaan. Zo bekeken is het overgrote deel van wat we doen — van boekhouding tot jaarrekening, van btw-aangifte tot know-your-customer en antiwitwas — in essentie uitvoering van verplichtingen jegens de Staat. Of de wetgever zich daarbij richt tot de fiscus, het ondernemingsloket of de toezichthouder op ons beroep, maakt voor de aard van het werk weinig verschil: het blijft formele, verplichte prestatie, geen waardecreatie.
Ondernemers voelen dat haarfijn aan.
“Jullie werken eigenlijk voor de overheid”, hoor ik wel eens tijdens een klantengesprek, meestal met een licht verwijtende ondertoon.
En eerlijk: die uitspraak klopt in grotere mate dan we als beroep graag toegeven. Niet alleen KYC en antiwitwas, ook de kern van ons dagelijks werk — de jaarrekening, de btw, de fiscale aangifte — bestaat in de eerste plaats omdat de Staat het vraagt, niet omdat de ondernemer er zelf om vraagt.
Toch is dit geen zwart-witverhaal. Diezelfde verplichte cijferrapportage krijgt wel degelijk waarde voor de ondernemer zodra ze vakkundig wordt opgesteld. Een jaarrekening of tussentijdse cijferrapportage die door een bekwaam accountant is samengesteld, geeft vertrouwen aan de stakeholders van de ondernemer: banken, investeerders, leveranciers, een potentiële overnemer. Correcte, geloofwaardige cijfers zijn een visitekaartje, ook al werd de verplichting zelf door de Staat opgelegd. Het is dus niet zo dat compliance-werk per definitie waardeloos is voor de ondernemer, wel dat de waarde ervan pas ontstaat door de kwaliteit waarmee we het uitvoeren, en zelden door de verplichting op zich.
De regelneef als verkeerd beeld
Dat is niet alleen een tijdsprobleem, het is ook een imagoprobleem. Wanneer een ondernemer ons vooral ervaart als de persoon die de jaarrekening neerlegt, de btw-aangifte indient, formulieren invult en documenten opvraagt “omdat het moet”, ontstaat een verkeerd beeld van ons beroep. Ook al zijn die prestaties op zich onmisbaar en professioneel uitgevoerd, ze tonen de ondernemer niet wie we werkelijk zijn. We worden gezien als regelneven, of -nichten: mensen die vinkjes zetten en formulieren afhandelen, niet mensen die meedenken over een overname, een groeistrategie of een gezonde kapitaalstructuur.
En dat is zonde. Want net de vaardigheden die een accountant meebrengt — cijfers doorgronden, risico’s inschatten, structuren begrijpen, verbanden leggen tussen fiscaliteit, financiering en strategie — zijn behoorlijk zeldzaam en behoorlijk waardevol. Ze verdienen een centralere plaats in het ondernemersverhaal dan de plaats die de compliance-last ons vandaag toebedeelt. Als ons takenpakket structureel botst met wat een ondernemer als waardevol ervaart, dan verliezen we niet alleen tijd. We verliezen ook geloofwaardigheid en, op termijn, de aantrekkingskracht van ons vak.
Wat zinvol werk voor mij betekent
Ik denk al langer na over wat “zinvol werk” voor mij als accountant eigenlijk betekent. Niet in abstracte termen, maar heel concreet: welke klanten wil ik helpen, en waarmee? Voor mij is het antwoord duidelijk geworden. Zinvol werk betekent dat ik ondernemers ten volle kan ondersteunen in waardevol ondernemen. Niet als toezichthouder die langskomt om te controleren, maar als partner die meedenkt over groei, rendement en duurzame keuzes.
Dat besef heeft een concrete keuze tot gevolg. Ik focus me voortaan op ambitieuze ondernemers: pie growers, mensen die de taart willen laten groeien in plaats van enkel over de verdeling ervan te discussiëren. Ondernemers die begrijpen dat een accountant meer kan betekenen dan een compliance-loket, en die mijn vaardigheden ook effectief weten te waarderen wanneer het over waardevol ondernemen gaat.
Compliance blijft, de nadruk verschuift
Dit betekent niet dat compliance verdwijnt uit mijn praktijk. De wetgever, de toezichthouder en de klant zelf blijven recht hebben op correcte, tijdige en volledige naleving van alle verplichtingen. Maar de nadruk verschuift. Compliance wordt geen doel op zich, maar een stevige, betrouwbare basis van waaruit we samen verder bouwen aan iets groters: een onderneming die winst maakt, mensen tewerkstelt, waarde creëert en toekomstbestendig is.
Concreet betekent dit dat ik met klanten in gesprek ga over hun ambities vóór ik het over hun verplichtingen heb. Dat ik tijd vrijmaak, ook letterlijk in mijn agenda, voor strategische gesprekken in plaats van enkel voor aangiftetermijnen. En dat ik eerlijk durf te zijn tegen ondernemers die vooral op zoek zijn naar de goedkoopste vinkjeszetter: voor hen ben ik niet langer de juiste partner.
Een oproep aan het beroep
Ik geloof dat deze verschuiving niet enkel een persoonlijke keuze is, maar een noodzakelijke evolutie voor het hele beroep. Zolang accountants zich laten reduceren tot uitvoerders van overheidsverplichtingen, blijven we vechten tegen een perceptie die ons vak onrecht aandoet en die getalenteerde jonge mensen afschrikt om voor dit beroep te kiezen. Willen we dat beeld kantelen, dan moeten we zelf, actief en met overtuiging, kiezen voor de ondernemers en de dossiers waarin onze vaardigheden het verschil maken.
Zinvol werk is voor mij dan ook geen luxe, maar een voorwaarde. Een voorwaarde om het beroep vol overtuiging te blijven uitoefenen, en een voorwaarde om ondernemers te tonen dat een accountant meer is dan een regelneef. We zijn, of we zouden moeten zijn, bondgenoten van de ambitieuze ondernemer. Tijd om daar ook naar te handelen.
Gert Engelen
Accountant en bezieler van Boox
Onze columnisten zijn experts in de accountancy in brede zin. Ze schrijven in eigen naam. Deze opiniebijdragen hebben geen commercieel doel maar willen ons aan het denken zetten.
